21 januari 2021

  • Donderdag, 21 Januari 2021 : Uit de brief aan de Hebreeën 7,25-28.8,1-6.
    Broeders en zusters, ieder die door Christus tot God komt, kan Hij volkomen redden, omdat Hij voor altijd leeft en zo voor hen kan pleiten. Een hogepriester als Hij hadden we ook nodig, iemand die heilig, schuldeloos en zuiver is, van de zondaars afgescheiden en ver boven de hemel verheven. Hij hoeft niet, zoals de andere hogepriesters, elke dag eerst offers op te dragen voor zijn eigen zonden en dan voor die van het volk; dat heeft Hij immers voor eens en altijd gedaan toen Hij het offer van zijn leven bracht. De wet stelt mensen aan als hogepriester, en mensen zijn behept met zwakheid, maar met de bekrachtiging onder ede die later werd uitgesproken dan de wet, is de Zoon aangesteld, die voor altijd de volmaaktheid heeft bereikt. De kern van mijn betoog is dat wij een hogepriester hebben die in de hemel plaatsgenomen heeft aan de rechterzijde van de troon van Gods majesteit en die de dienst vervult in het ware heiligdom, de tent die door de Heer en niet door mensenhanden is opgericht. Iedere hogepriester wordt aangesteld om gaven en offers op te dragen, en dus heeft ook Hij iets nodig dat Hij kan opdragen. Op aarde zou Jezus geen priester zijn, want daar zijn al priesters die offergaven opdragen zoals de wet dat voorschrijft. Zij verrichten hun dienst in wat de afspiegeling en de voorafschaduwing is van het hemelse heiligdom, zoals dat aan Mozes geopenbaard werd toen hij begon met het oprichten van de tabernakel: ‘Let erop,’ staat er immers, ‘dat je alles vervaardigt volgens het ontwerp dat je op de berg getoond is. Maar Jezus is dus aangesteld voor een eerbiedwaardiger dienst, in die zin dat hij bemiddelaar is van een beter verbond, dat zijn wettelijke grondslag heeft gekregen in betere beloften.
  • Donderdag, 21 Januari 2021 : Psalmen 40(39),7-8.9.10.17.
    Gij hebt geen offer of geschenk gewild, Gij hebt mijn oor geopend; Gij vraagt geen brandoffer, geen zoenoffer van mij, Geschenk en offerande hebt Gij nooit verlangt, Gij vraagt geen brandoffers, geen zoenoffer van mij; maar wel hebt Gij mijn oren voor uw stem geopend. dus zei ik: ja, ik kom, zoals van mij geschreven staat: dat ik uw wil volbreng. Mijn God, dat is het wat ik wil, uw wet staat in mijn hart geschreven. Aan velen heb ik uw rechtvaardigheid bekendgemaakt, ik hield mijn lippen niet gesloten, Heer, Gij weet het. Nooit heb ik uw rechtvaardigheid verborgen in mijn hart, Laat jubelen van blijdschap die U zoeken en steeds getuigen: 'Groot is God!' , die uitzien naar uw heil.
  • Donderdag, 21 Januari 2021 :
  • Donderdag, 21 Januari 2021 : Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Marcus 3,7-12.
    In die tijd trok Jezus met zijn leerlingen weg in de richting van het meer, maar een grote volksme­nigte uit Galilea ging Hem achterna; er kwamen ook vele mensen uit Judea, Jeruzalem, Iduma, het Overjor­daanse en uit de streek rond Tyrus en Sidon tot Hem, omdat ze hoorden wat Hij allemaal deed. Hij droeg zijn leerlingen op te zorgen dat er een bootje voor Hem bij de hand was, als voorzorg tegen het opdringen van de menigte. Want Hij had er velen genezen, met het gevolg dat allen die aan kwalen leden, op Hem aandrongen om Hem aan te raken. Zelfs de onreine geesten vielen, als zij Hem zagen, voor Hem neer en schreeuwden: 'Gij zijt de Zoon van God.' Maar Hij verbood hun nadrukkelijk Hem bekend te maken.
  • Donderdag, 21 Januari 2021 : Commentaar H. Johannes Cassianus
          God heeft de mens niet geschapen opdat hij verloren zou gaan, maar opdat hij eeuwig zou leven; dat plan blijft onveranderlijk. (...) Want “Hij wil dat alle mensen gered worden, en dat ze tot kennis van de waarheid komen” (1 Tim 2,4). Het is de wil van uw Vader die in de hemelen is, zegt Jezus, “Dat geen van deze kleinen verloren gaat” (Mat 18,14). Elders staat ook geschreven: God wil niet dat ook maar een enkele ziel verloren gaat; Hij is er op bedacht dat een verstotene niet van Hem verwijderd blijft” ( 2Sm 14,14 Vulg; cf 2P 3,9). God is waarheid; Hij liegt niet als Hij het bezegelt met een eed: “Ik ben de Levende! Ik wil niet de dood van een zondaar, maar dat hij zich afkeert van zijn slechte pad en dat hij leeft” (Ez 33,11). (...)       Kan men zonder een enorme heiligschennis denken dat Hij niet het heil van allen wil, maar alleen van enkelen? Wie verloren gaat, gaat verloren tegen de wil van God in. Hij roept elke dag tot hem: “Bekeert u van uw slechte paden! Waarom zou u sterven, huis van Israël? (Ez 33,11). (...) En opnieuw houdt Hij aan: “Waarom keert dat volk zich toch zo koppig van Mij af? Ze hebben hun voorhoofd verhard; ze wilden niet terugkomen” (Jr 8,5;5,3). De genade van Christus staat ons dus altijd ter beschikking. Als Hij wil dat alle mensen gered worden (...), roept Hij ze allen zonder uitzondering: “Komt tot Mij, u allen die vermoeid zijn, u die bezwijkt onder de last, Ik zal uw last verlichten” (Mt 11,28).
  • Woensdag, 20 Januari 2021 : Uit de brief aan de Hebreeën 7,1-3.15-17.
    Broeders en zusters, Melchisedek is koning van Salem en priester van de allerhoogste God, ging Abraham tegemoet toen deze terugkeerde van zijn overwinning op de koningen, en zegende hem, waarna Abraham hem een tiende van alle buit gaf. Zijn naam betekent ‘koning van de gerechtigheid’, en verder is hij ook koning van Salem, dat is ‘koning van de vrede’. Hij heeft geen vader of moeder, geen stamboom, geen oorsprong of levenseinde en lijkt op de Zoon van God – hij is priester voor altijd. Nog duidelijker wordt het als we ons realiseren dat deze nieuwe priester, het evenbeeld van Melchisedek, geen priester geworden is op grond van de in de wet vereiste menselijke afstamming, maar door de kracht van zijn onvergankelijk leven. Over hem wordt immers verklaard: ‘Jij zult voor eeuwig priester zijn, zoals ook Melchisedek dat was.’
  • Woensdag, 20 Januari 2021 : Psalmen 110(109),1.2.3.4.
    De Heer sprak tot mijn Heer: zit aan mijn rechterhand, Ik leg uw vijanden als voetbank voor uw voeten.’ Uit Sion reikt de Heer u de scepter van uw macht, regeer te midden van uw tegenstanders. Uw volk staat om U heen in blanke wapenrusting, de jongen mannen op het veld als morgendauw. Gezworen heeft de Heer, het zal Hem niet berouwen: Gij zijt voor eeuwig priester als Melchisédek.

Teksten zijn ontleend aan de website "Dagelijks Evangelie, www.dagelijksevangelie.org"